Op onze website kan je met hulp van Kai zoeken door alle pagina's en artikelen.
Plönissen stopt met titel: ‘Nooit meer verwacht Oranje te halen’
Het bloedstollende hockeygevecht in de NK-finale op Tweede Pinksterdag was de allerlaatste wedstrijd uit de lange loopbaan van Sabine Plönissen. De verdediger van Amsterdam is hét voorbeeld van een speelster die het maximale uit haar carrière heeft gehaald. Via een gestage opmars bereikte ze uiteindelijk zelfs Oranje, waarmee ze ook nog de wereldtitel veroverde. ‘Dat ik kan zeggen dat ik met Oranje wereldkampioen ben geworden, dat vind ik nog steeds bizar.’
:quality(85):format(webp)/media/2eb50c9e-aa56-4b4d-9150-297af4575d06/sabineplonissen-wv.jpg)
Foto: Willem Vernes
Op het veld aan de Oosterplas blijkt het nog niet eenvoudig om Plönissen (31) kort na de NK-finale even te spreken. De verdediger van Amsterdam beweegt zich door een soort eindeloze afscheidsronde: ze schuift van teamgenoot naar teamgenoot, steeds opnieuw voor een foto of een omhelzing. Het zijn de allerlaatste momenten van haar loopbaan, die ze nog gauw even meepakt. ‘Toen aan het einde van het vierde kwart de toeter klonk, sprongen de tranen in mijn ogen’, vertelt Plönissen zodra ze zich even aan de drukte heeft onttrokken. ‘Niet omdat we het karwei niet al in de reguliere speeltijd hadden afgemaakt, maar omdat ik wist dat ik geen shoot-outs hoefde te nemen. Toen besefte ik: dit was het dan.’
Als er één speelster is die werkelijk alles uit haar carrière heeft geperst, dan is het Plönissen wel. De verdediger, bekend om haar flats, speelde op haar negentiende nog voor Rotterdam in de Overgangsklasse, destijds het tweede niveau van Nederland. Wie haar toen had verteld dat ze uiteindelijk deze carrière zou krijgen, was door haar waarschijnlijk voor gek verklaard. ‘Je kunt inderdaad wel zeggen dat ik geen standaard loopbaan heb gehad’, zegt ze lachend.
:quality(85):format(webp)/media/d7818827-9b84-4335-a120-798c22c284ea/sabineplonissen-wv-2.jpg)
Sabine Plönissen is het schoolvoorbeeld van een speelster die het maximale uit haar carrière heeft gehaald. Foto: Willem Vernes
Vijf jaar speelde ze voor Hurley, in de grijze middenmoot
Na haar vertrek bij Rotterdam volgde geen stap naar een Nederlandse topclub, maar belandde ze bij Hurley. Vijf jaar lang speelde ze voor de Bosuilen uit Amsterdam, in de grijze middenmoot van de Hoofdklasse. Rond haar 24ste kwam ze tot het besef dat haar loopbaan op een kruispunt was beland. Bleef ze tot aan haar hockeypensioen voortkabbelen bij Hurley, veilig in de luwte? Of besloot ze nog één keer alles op alles te zetten om het onderste uit de kan te halen?
‘Toen ik nog in Jong Oranje speelde, was het absoluut mijn ambitie om door te stromen naar het grote Oranje’, vertelt ze. ‘Maar nadat ik in 2016 afviel voor het WK onder 21 in Chili, werd ik nergens meer voor geselecteerd. Ik dacht dat het beste er wel vanaf was. Tot Robert Tigges me belde. Hij was toen coach bij Amsterdam. Hij zei: je staat nummer één op mijn lijstje. Dat geloof ik nu nog steeds niet, dat was natuurlijk een verkooppraatje. Maar dat maakt niet uit. Ik had op dat moment niet meer verwacht dat ik ooit nog voor Amsterdam zou spelen.’
Alleen al de overstap van Hurley naar Amsterdam betekende voor haar een enorme omslag. Bij Hurley speelde ze in een team met uiteenlopende ambities en levensfases, van speelsters die vol voor het hoogste gingen tot teamgenoten die zich al richting het einde van hun carrière bewogen of volop van het studentenleven genoten. Bij Amsterdam kwam ze in een totaal andere omgeving terecht. Daar werd haar – terwijl ze al midden in de twintig was – duidelijk wat topsport inhoudt. ‘Ik voelde zelf dat er nog veel groei in mij zat, maar dat betekende ook dat ik er meer voor moest doen. Dat ik volwassener moest worden.’
:quality(85):format(webp)/media/52753a9e-5968-417c-9def-39857dfaf998/sabineplonissen-wv-3.jpg)
Sabine Plönissen valt in de armen van coach Jesse Mahieu. Foto: Willem Vernes
‘Toen belde Alyson ineens’
Haar doorbraak in het Nederlands elftal was op dat moment nog helemáál ver weg. In september 2020, een jaar na haar overstap naar Amsterdam, stelde bondscoach Alyson Annan een schaduwgroep van 24 speelsters samen, bedoeld als voorportaal richting Oranje. Plönissen zat daar niet bij. Tel daar de vaste trainingsgroep van 23 internationals bij op en de conclusie was op dat moment hard: ze werd niet eens gerekend tot de 47 beste Nederlandse speelsters van de Hoofdklasse.
Toch kantelde de situatie in de jaren daarna. Met haar kenmerkende flats werd Plönissen steeds bepalender in de opbouw bij Amsterdam. Na de Olympische Spelen van Tokio, toen zowel Caia van Maasakker als Lauren Stam afscheid nam, kwamen er in het hart van de verdediging van het Nederlands elftal bovendien twee plekken vrij. ‘Toen belde Alyson ineens’, vertelt ze. ‘Ze was ook mijn bondscoach bij Jong Oranje en Nederlands A geweest. Na een half jaar meetrainen met de potentials mocht ik aansluiten bij Oranje. Ik had eerlijk gezegd niet verwacht dat dat nog zou komen.’
Zo kon het gebeuren dat Plönissen in de zomer van 2022 ineens tot de beste achttien speelsters van Nederland behoorde, die in het Spaanse Terrassa de wereldtitel veroverden. ‘Dat ik kan zeggen dat ik met Oranje wereldkampioen ben geworden, dat vind ik nog steeds bizar.’
:format(webp)/media/6037813e-8df4-4e51-92e7-9f53000cf8df/sabineplonissen-wv-4.jpg)
Sabine Plönissen tilt de gewonnen beker omhoog. Foto: Willem Vernes
Nu is ze gestopt
Een jaar later nam haar interlandcarrière een abrupte wending. Plönissen stelde zich niet beschikbaar voor het EK in Mönchengladbach en lichtte toe dat ze kampte met mentale problemen. Het shirt van het Nederlands elftal zou ze daarna niet meer dragen. Haar laatste interland bleek ze al te hebben gespeeld: op 4 juli 2023, in Antwerpen tegen België (1-2).
Ook haar laatste cluboptreden kende een einde met twee gezichten. In de finale van de play-offs ging Plönissen in de fout bij de openingstreffer van Den Bosch, toen ze zich te makkelijk liet aftroeven door aanvaller Lieve Wijckmans, die met een vlammende backhand de 1-0 binnenschoot. Even leek Plönissen daardoor de schlemiel te worden op haar eigen afscheidsfeest. Gelukkig voor haar kantelde de finale na rust, waarna Amsterdam alsnog de landstitel veroverde. Glunderend stond Plönissen dus toch met de beker in haar handen.
Nu is ze gestopt. ‘Ten eerste ben ik blij dat ik zelf de keuze heb kunnen maken om te stoppen. Vorig jaar had ik een heftige enkelblessure, dus ik ben blij dat ik mijn loopbaan nog op deze manier heb kunnen afsluiten. Daarnaast merkte ik na mijn depressie dat ik weer zin had in andere dingen kreeg. Met hockey was ik nog niet per se klaar, maar ik ben wel klaar voor het leven ná hockey. Het is mooi geweest zo.’