Met de handige en creatieve aanvaller Pere Amat (22) heeft Bloemendaal er een Spaanse technicus bij, een dribbelaar uit een beroemde hockeyfamilie. Hij is alweer de achtste Amat die het Spaanse nationale elftal haalde. ‘Ik ben met een stick geboren.’
Pere Amat achtste international uit hockeyfamilie: ‘Met stick geboren’
:quality(85):format(webp)/media/301da7f4-d6d1-4a28-9f97-8024a49b13a0/pereamat-bs-3.jpg)
Foto: Bart Scheulderman
Het is bijna niet voor te stellen hoe groot de geschiedenis van de familie Amat in het Spaanse hockey is. Je hoeft in de stamboom maar een willekeurige tak te volgen of er duikt alweer een Spaanse international op. Moeiteloos dreunt de nieuwe vleugelaanvaller van Bloemendaal alle Spaanse internationals uit zijn familie op.
‘Mijn grootvader was de allereerste in de familie die voor Spanje speelde’, vertelt hij apetrots, met glimmende ogen, afgelopen zondag aan de rand van het veld na het 2-2 gelijkspel op bezoek bij Pinoké. Zijn opa Pedro was een pionier van het Spaanse hockey, een international die drie keer op de Olympische Spelen stond en in 1960 brons won, de allereerste olympische hockeymedaille voor Spanje. Ook zijn drie broers Francisco, Jaime en Juan haalden de Spelen, een uitzonderlijke prestatie voor vier jongens uit hetzelfde gezin.
‘Pol is dan weer de neef van mijn vader’, zegt Pere, die inmiddels bij één van de beroemdste namen uit zijn familie is aangekomen. Pol Amat is één van de grootste hockeyers die Spanje ooit heeft voortgebracht. In 2008 werd de legendarische aanvaller met zijn onnavolgbare acties zelfs uitgeroepen tot beste speler ter wereld, als allereerste Spanjaard ooit. Niet voor niets speelde hij meer dan driehonderd interlands en stond hij vijf keer op de Olympische Spelen.
‘Dan hebben we Santi nog’, zegt Pere over wéér een neef van zijn vader, het zesde familielid dat het Spaanse nationale elftal haalde. Zo langzamerhand is hij nu toch bijna door de complete familiestamboom heen. ‘Tot slot ook nog Xavier Gispert, mijn achterneef. Hij speelde op de Olympische Spelen van Parijs,’ zegt hij over de man die Duco Telgenkamp afgelopen zomer provoceerde in de halve finale van het WK en een bodycheck kreeg. Apetrots heeft de nieuwe aanwinst van Bloemendaal nu eindelijk de hele rij internationals afgewerkt. Je zou haast vergeten dat hij zelf inmiddels óók het Spaanse shirt al 34 keer heeft gedragen.
:quality(85):format(webp)/media/9422b307-c44d-4998-9eef-042cf379bdfa/pereamat-bs-2.jpg)
Pere Amat etaleert zijn dribbelkunsten tegen Pinoké. Foto: Bart Scheulderman
Geboren met een stick
Met zo’n hockeygekke familie hoefde je bepaald geen helderziende te zijn om te voorspellen welke sport Pere zou kiezen. ‘Ik ben met een stick geboren’, zegt hij glimlachend. ‘Mijn vader gaf me er al eentje toen ik twee of drie jaar oud was.’
In zijn eerste twee competitiewedstrijden in het feloranje shirt van Bloemendaal liet het talent direct een groot deel van zijn arsenaal aan wapens zien. Bij zijn debuut vond hij tegen Rotterdam direct het net, met een tip-in op zijn knieën. Zondag tegen Pinoké liet hij na een niet gestopte strafcorner zijn dribbelkunsten zien, waaruit hij bijna scoorde. Na rust bediende hij vanaf de rechterflank met een harde forehand de bij de tweede paal wachtende Teun Hogenhout, die de aansluitingstreffer (2-1) binnentipte.
Met zijn eerste assist voor Bloemendaal bewees de jonge dribbelaar dat hij ook oog heeft voor zijn teamgenoten, al is dat niet helemaal in de geest van zijn opa. ‘Mijn opa zegt altijd dat ik de bal niet moet afspelen’, lacht hij. ‘Maar dat kan niet meer. Het hockey is veranderd.’
Sinds een paar jaar klopt ook hij als nieuwste exponent van de beroemde hockeyfamilie Amat op de deur van het Spaanse nationale elftal. Eén van de eerste keren dat hij internationaal liet zien wat hij in huis heeft, was tijdens de gewonnen finale van het EK onder 21 tegen Jong Oranje (3-1), in 2024, nota bene in zijn geboortestad Terrassa. Met een heerlijke solo zette Pere de Nederlandse verdediging te kijk, om de bal vervolgens ook nog koelbloedig tegen de plank te schuiven. Het was het definitieve bewijs dat ook de jongste generatie Amat aardig met een stick overweg kan.
Mijn opa zegt altijd dat ik de bal niet moet afspelen
Pere Amat
De Spaanse dribbelaar van Bloemendaal
:quality(85):format(webp)/media/c80d1da0-f143-48ae-acc1-63753c07539e/pereamat-bs-1.jpg)
Pere Amat, de achtste Spaanse international uit zijn familie, speelt sinds dit seizoen voor Bloemendaal. Foto: Bart Scheulderman
In Bloemendaal staat hij op eigen benen
Bij Bloemendaal kunnen ze de Spaanse dribbelaar ondertussen goed gebruiken. De club heeft na het mislopen van de play-offs vorig jaar duidelijk iets recht te zetten. Daarbij vestigen de Mussen hun hoop niet alleen op hem, maar ook op de Argentijnse aanvaller Bautista Capurro (22). De komst van de twee buitenlandse aanwinsten moet beter uitpakken dan het experiment van vorig seizoen, toen de Duitse spitsen Marco Miltkau en Elian Mazkour de verwachtingen niet konden waarmaken.
Voor Pere zelf betekent het avontuur in Nederland ondertussen een behoorlijk grote stap. Voor het eerst in zijn leven heeft de Spanjaard het ouderlijk huis in Terrassa verlaten, waar hij opgroeide tussen de beroemde hockeyers van de familie. Dat blijkt toch wel even wennen.
‘Het is best moeilijk om voor het eerst uit huis te gaan’, vertelt hij. ‘In Spanje is het doodnormaal dat je lang bij je familie blijft wonen, ook als je al 28 bent. Hier gaan mensen veel eerder op zichzelf wonen. Voor mij is dat een grote verandering. Een nieuw leven. In het begin is dat lastig, maar ik begin eraan te wennen.’ Helemaal op zichzelf aangewezen is hij in Nederland gelukkig niet. In Amsterdam deelt hij een appartement met twee teamgenoten, de Argentijn Bautista Capurro en de Belg Max Langer. ‘We hebben het goed samen. We zitten in dezelfde situatie, dus dat helpt. In mijn eentje zou ik het hier veel moeilijker hebben.’
Met al die olympiërs in zijn familie zou je haast vergeten dat Pere zelf nog maar aan het begin van zijn internationale carrière staat. Sinds bondscoach Max Caldas hem in 2022 liet debuteren, heeft hij 34 interlands gespeeld en vier keer gescoord. Een vaste plek in de Spaanse selectie heeft hij daarmee voorlopig nog niet afgedwongen. Dat bleek afgelopen zomer wel, toen Caldas hem niet meenam naar het WK, waar Spanje uiteindelijk zilver veroverde.
Wil Pere in 2028 in Los Angeles in de voetsporen van zijn olympische familieleden treden, dan heeft hij dus nog wel het nodige werk te verzetten. ‘Als kind keek ik enorm tegen hen op. Ik wilde altijd bereiken wat zij hebben bereikt. Dat is nog steeds mijn doel. Daar blijf ik hard voor werken.’