Op onze website kan je met hulp van Kai zoeken door alle pagina's en artikelen.
Oranje incasseert veel: ‘Maar we scoren vooral te weinig’
Het regent de laatste wedstrijden tegengoals bij de Oranjemannen. De laatste acht duels leverden allemaal minstens twee tegentreffers op. Een opvallende reeks die de afgelopen dertien jaar maar één keer eerder voorkwam. Maar volgens bondscoach Jeroen Delmée vertelt die serie niet het hele verhaal.
:format(webp)/media/d9f6cc93-07f2-407d-bf94-2bc65a4fc299/wv2026_wv1r6859.jpg)
Willem Vernes
Eerst even de verdedigende feiten: in het laatste half jaar is er geen wedstrijd voorbijgegaan waarin de Oranjemannen niet twee keer moesten vissen. Een reeks die begon met de 7-3 zege op Pakistan, op 12 december tijdens het Pro League-blok in Argentinië. Het bleek de start van een opmerkelijke reeks, waarin het stelselmatig tegengoals regende.
Een dag na de overwinning op Pakistan verloor Nederland met 3-2 van Argentinië. Vervolgens leverden de vier wedstrijden in Valencia ook veel tegentreffers op: Spanje werd met 4-3 en 3-2 verslagen, tegen Engeland werd twee keer gelijkgespeeld (2-2). Afgelopen weekend zette de olympisch kampioen deze serie voort in Rotterdam tegen Duitsland (2-2) en India (3-2).
Delmée reageert vrij relaxed op die opvallende reeks. ‘Misschien lijkt dat fors, maar ik denk dat dit voor best veel landen geldt’, denkt de bondscoach. ‘En soms komt daar ook een beetje pech bij kijken. Zoals bij onze eigen goal tegen India of een bal die via de uitloper van richting wordt veranderd. Dat kan gebeuren.’
:format(webp)/media/b18b02f2-d94d-4373-964d-c3e62280f77f/wv2026_wv2r6447.jpg)
Oranje maakte tegen India drie goals, maar liet ook veel kansen liggen. Foto: Willem Vernes
‘De nul houden in het hockey is bijna onmogelijk’, stelt Delmée. ‘Je hebt snel een of twee tegengoals te pakken. In de internationale mannentop heeft iedere ploeg één of twee topschutters. Spelers die bijvoorbeeld een snelheid van 120 kilometer per uur halen. Dan is het niet zo gek dat er een bal ingaat.’
Verdedigen een speerpunt
Delmée gaf al tijdens zijn aanstelling in 2021 aan dat verdedigen een van de speerpunten van zijn Oranje moest worden. Meteen werd de hulp van specialistentrainer Marcel Balkestein ingeschakeld. De oud-international en voormalige sterverdediger is in de afgelopen jaren altijd betrokken gebleven bij de nationale ploeg. ‘Hij loopt hier net van het veld af’, zegt Delmée over zijn voormalige teamgenoot, na de woensdagtraining.
Aandacht is er dus genoeg voor de defensie, waar de bondscoach vrij tevreden over is. Over de aanval is de Brabander kritischer. ‘We maken te weinig goals. Daardoor lopen we wat achter in de Pro League. Tegenstanders zijn efficiënter en effectiever in de cirkel dan wij.’
:quality(85):format(webp)/media/eefd4efe-d9c7-433c-a580-28acbc494202/duels_oranjemannen.jpg)
‘Tegen Duitsland kwamen we twee keer zo vaak in de cirkel als zij. Vervolgens maken wij (net als Duitsland, red.) maar twee goals. Dat zijn er, gezien de kansen, twee te weinig. Tegen India had het verschil ook groter kunnen zijn. Onze scores wijken daarmee wat af van het verleden. Ik denk dat we heel lang bijna op drie tot vier goals gemiddeld hebben gezeten. Dat is nu wat minder.’
Dat klopt. De piekperiode qua productie lag vooral in de eerste fase onder Delmée. In de Oranje-cijfers zit een verschil tussen de productiviteit voor en na het WK van 2023, het eerste toernooi onder zijn leiding. Tot het eindtoernooi in India maakte Oranje gemiddeld 3,64 goals per wedstrijd (113 goals, 31 interlands). Vanaf dat WK liep het moyenne terug tot 2,81 treffers (222 goals, 79 interlands).
Wisselende samenstellingen
Delmée sloot het eerste weekend van de WK-zomer met een goed gevoel af. ‘Ik denk dat we als collectief goed hebben verdedigd. Dat het spel nog niet honderd procent is, is ook normaal als je vier maanden geen wedstrijd hebt gespeeld. We spelen in wisselende samenstellingen, zoeken naar automatismen. David Huussen en Lucas Veen staan met elkaar op het middenveld, die hadden nog nooit samengespeeld - om maar een voorbeeld te geven.’
:format(webp)/media/3a0f63f8-c887-4300-bfad-f481a01ee225/wv2026_wv2r3298.jpg)
Delmée balend na de 2-2 (zonder bonuspunt) tegen Duitsland. Foto: Willem Vernes
‘We gebruiken deze wedstrijden richting de samenstelling van de WK-groep. En ondertussen moeten we ook jongens heel zien te houden die terugkomen van blessures. Die kunnen niet acht wedstrijden in twee weken spelen. Maar het is ook dat we genoeg creëren, dominant hockeyen en veroveren veel ballen.’
'Door de scores heenkijken'
Hij haalt er nog eens een feitje bij. ‘Tegen Duitsland wonnen we zeventien ballen op hun helft. Dat is echt heel veel.’ Met een zucht: ‘Maar ja, dan moeten we hen wel pijn doen. Dodelijker zijn. Die laatste stap hebben we nog niet gezet. In augustus moeten we goed zijn, dat is het belangrijkste. Maar er is ook veel dat wel goed gaat. Daarom moeten we soms een beetje door de scores heenkijken.’