Op onze website kan je met hulp van Kai zoeken door alle pagina's en artikelen.
Jubilaris De Vilder over Oranje: ‘Wij zijn eigenlijk nooit dood’
Terwijl Derck de Vilder zaterdag in Rotterdam tegen Duitsland zijn honderdste interland speelde voor Oranje, had zijn moeder een verrassing voor hem in petto. Familie, vrienden en zijn vriendin verschenen op de tribune met speciale witte haarbandjes met de tekst ‘100 caps’ erop. Pas nadat hij de tribune had afgespeurd, zag hij de groep staan.
:quality(85):format(webp)/media/67603d32-e726-4429-894b-b05cf5a59877/derck-de-vilder-oranje-wv-01.jpg)
Willem Vernes
‘Ik wist dat mijn familie er zou zijn, maar niet dat ze met zó veel zouden zijn’, vertelt De Vilder. ‘Op een gegeven moment zag ik ze staan. Ik moest wel even lachen. Dat was heel leuk.’
Op dat moment onderbreekt Terrance Pieters het interview kort. De aanvaller feliciteert zijn ploeggenoot met het bereiken van de grens van honderd interlands en geeft hem een omhelzing.
De mijlpaal betekende veel voor de middenvelder van Kampong, die in 2018 in Perth debuteerde tegen Australië (3-2 winst). ‘Als je begint met hockey weet je niet eens of je Oranje gaat halen. En als je dan honderd interlands mag spelen is dat heel mooi. Ik ben daar heel trots op.’
‘Het is een mooie mijlpaal’, gaat De Vilder verder. ‘Honderd interlands is natuurlijk een mooi aantal. Het zijn echt wel veel wedstrijden. Je moet er echt wel een tijdje bij zitten. Dus dat maakt het heel speciaal.’
:format(webp)/media/48d97a46-72fd-4664-9ff1-b167ad6302e9/haarbandjes-derck-de-vilder-wv.jpg)
Familie en vrienden van Derck de Vilder met de witte haarband op de tribune. Foto: Willem Vernes
Kracht van het team
Toch lag zijn focus vooraf vooral op de wedstrijd tegen Duitsland. ‘Ik heb het ook gezien als een normale wedstrijd’, legt De Vilder uit. ‘Je wilt hier als team goed voor de dag komen.’
Dat de eerste wedstrijd van Oranje sinds februari uiteindelijk na shoot-outs verloren ging, was een teleurstelling. Juist de manier waarop Nederland zich terugknokte van een 2-0 achterstand naar 2-2 maakte indruk op De Vilder. ‘Ik vind het wel mooi en tekenend hoe we terugkomen in die wedstrijd. Met een man minder en dan nog twee goals maken. Dat zegt wel heel veel over het team.’
Lange tijd leek het daar niet op. Duitsland ging efficiënter met zijn kansen om en liep uit naar 2-0. Oranje creëerde mogelijkheden, maar zag de Duitse doelman meerdere keren redding brengen. Toen Lucas Veen acht minuten voor tijd met een gele kaart en een tijdstraf van tien minuten naar de kant moest, leek de wedstrijd verloren. ‘Na die kaart had je wel het gevoel: oké, daar gaat de wedstrijd. Maar we kunnen dan toch nog iets vinden met z’n allen.’
De ommekeer kwam niet voort uit een tactische vondst, maar uit iets veel eenvoudigers. ‘Dat zit in kleine dingen. Dingen waar we energie uit kunnen halen. Dat we met z’n allen gaan vechten, ballen pakken, hard werken en elkaar helpen. Dat is de grootste kracht van dit team.’
:format(webp)/media/e327eac5-277e-4544-8fed-7ec956e39781/derck-de-vilder-oranje-wv-02.jpg)
Derck de Vilder debuteerde in 2018 voor Oranje. Foto: Willem Vernes
Trainen en vertrouwen houden
Dat de shoot-outs vervolgens verloren gingen, veranderde zijn gevoel over de wedstrijd nauwelijks. Natuurlijk baalt hij van opnieuw een verloren shoot-outserie, maar De Vilder ziet geen reden om te twijfelen. ‘We moeten blijven trainen en er vertrouwen in houden. Uiteindelijk gaat het onze kant op vallen.’
Als De Vilder terugdenkt aan zijn honderdste interland, blijft vooral één ding hangen. Niet de verloren shoot-outs. Zelfs niet de pijnlijke plek op zijn knie, opgelopen als extra souvenir van de wedstrijd. Wat hem vooral bijblijft, is het karakter van de ploeg. ‘Wat ik overhoud, is dat we eigenlijk nooit dood zijn. Ook met een man minder, ook met nog vijf of tien minuten te spelen kunnen wij een wedstrijd nog omdraaien. Dat moet overheersen.’
:format(webp)/media/9b7efeed-84c2-4abf-8fbf-8c567809bb9a/derck-de-vilder-oranje-duitsland-wv.jpg)
Derck de Vilder aan de bal tijdens zijn honderdste interland voor Oranje. Foto: Willem Vernes