Nieuws

Huussen heerst bij Amsterdam: ‘Ik kon gewoon blijven rennen’

Hij staat bijna nooit in het middelpunt van de belangstelling. Maar vrijdagavond op de EHL in Den Bosch had (bijna) iedereen het over David Huussen. De onvermoeibare motor op het middenveld van Amsterdam speelde een dijk van een kwartfinale tegen Hamburger Polo Club (4-1 winst), waarin hij goed was voor twee assists - daarvan was er een eentje van buitengewone klasse.

4 april 2026 om 10:00
Reemt Borcherts
Foto: Willem Vernes

Foto: Willem Vernes

‘Je ziet dit misschien niet vaak. Maar tijdens de training doet hij dit heel vaak.’ Met een trotse lach: ‘Wij wisten wel dat-ie dit kon.’

De geblesseerde Amsterdamse sterspeler Floris Middendorp is na afloop van de gewonnen kwartfinale meer dan gelukkig met Huussen, normaal gesproken zijn maatje op het middenveld. Waar de spotlights meestal op Middendorp, de Cassiem-boers en topscorer Boris Burkhardt staan, was het vrijdag de midden-midden die de aandacht kreeg. ‘Opeens’ live op tv een interview gaf bij de NOS. Zijn Europese debuut opluisterde met een hoofdrol.

Huussen tijdens zijn mega-sprint. Foto: Willem Vernes

Tien seconden, zeventig meter

Het ging na afloop vooral over één moment. Eentje waarop Huussen liet zien waarom hij al drie jaar bij de Oranje-selectie zit. Dat hij van uitzonderlijke klasse kan zijn, toonde de Doetinchemmer zes minuten na rust. Amsterdam had het even zwaar met het berekenende Hamburger Polo Club. Ollie Payne verrichtte een van zijn vele reddingen. De bal kwam via zijn legguard bij routinier Robbert Kemperman. Hij vond, met een gelukje, zijn teamgenoot Huussen.

En die begon aan een flinke sprint. Eentje waar ze bij atletiekwedstrijden jaloers op zijn. Huussen accelereerde en trapte vol de turbo in. Hij knalde met bal uit de cirkel. Over de eigen 23-meterlijn. Inmiddels zaten hem een paar Duitsers op de hielen. Tevergeefs. Huussen jakkerde door. Over de middenlijn, zijn stick in een hand. Hij trok de hele Hamburgse as aan gort. Speelde pas af toen hij op de andere 23 een tegenstander ontmoette. Extra mooi: ontvanger Brent van Bijnen rondde daarna ook nog fraai af, waardoor Amsterdam op 2-0 kwam.

Na afloop was hij natuurlijk trots op die spurt van - pak ‘m beet - zeventig meter, die hij in een seconde of tien volbracht. ‘Het gebeurde op een moment dat de 1-1 meer in de lucht hing dan de 2-0’, haalt Huussen terug. ‘Ik wilde vooral zo snel mogelijk onze cirkel uit. Dat was het belangrijkste. Daarna sneed ik een tegenstander af en kon ik gewoon blijven rennen. De rest liep naar achteren, het hele veld lag open. Ik denk dat ze allemaal hun mannetje hielden.’

Huussen en Sam Steins Bisschop zijn blij met elkaar. Foto: Willem Vernes

'Weet ook heel goed wat ik niet kan'

Hij moet een beetje lachen als hij de woorden van Middendorp hoort. ‘Het klopt dat ik dit wel vaker probeer op training. Ik ben best rap, daar probeer ik gebruik van te maken. Nu lukte het, omdat zij mandekking speelden. Als je er dan voorbij bent, ben je echt weg. Dan is het veld ineens groot. Zij waren ook een beetje aan het jagen op de 1-1, waardoor er meer ruimte kwam.’

Huussen vindt het mooi om over zijn specialisme te praten. Het versnellen, een tegenstander afschudden en het veld oversteken. Box-to-box, zou je in het voetbal zeggen. ‘Ik weet ook heel goed wat ik niet kan. In de kleine ruimtes ben ik iets minder sterk. Kort tikken en dat soort dingen. Gelukkig hebben we genoeg gasten die dat beheersen. Het is ook fijn als een aantal spelers dit kan.’ Bescheiden: ‘Daar ben ik er een van.’

Heel veel beter dan vrijdag hoefde het niet bij Amsterdam. Dat ging zuinig met z’n kansen om en hield er zelf genoeg tegen, waardoor de score vanaf het begin van kwart twee in het voordeel was van Huussen en zijn teamgenoten. Na de 2-1 uit een Duitse corner leek er een spannende fase te ontstaan, maar daar maakte Mustapha Cassiem zeven minuten later alweer een einde aan.

‘Uiteindelijk werden we rustig’, concludeert Huussen. ‘We waren gespannen, merkte ik. Het gevoel was nu anders dan in de Hoofdklasse. Het is geweldig om dit een keer mee te maken. Mijn eerste EHL-wedstrijd. Dat vind ik bijzonder.’

Het passje dat uiteindelijk de assist bleek voor de 2-0. Foto: Willem Vernes

Ook in Europa doet Amsterdam weer mee

De naam van Middendorp viel al. Hij ontbreekt dus bij Amsterdam, door een duimbreuk. Dat gold ook voor vleugelverdediger Casper Berkman, die eveneens geblesseerd toekeek. ‘Ik vind het heel jammer voor die gasten. Natuurlijk omdat het geweldige spelers zijn. Maar ook omdat dit de jongens zijn waarmee we kampioen zijn geworden. Dan wil je dit ook met elkaar meemaken. Dat zoiets niet kan is voor iedereen heel jammer. We leven allemaal met hen mee. En zij zijn er ook altijd. Bij de trainingen en bij alle besprekingen.’

De eerste EHL-horde heeft Amsterdam dus genomen. Daardoor staat de regerend landskampioen voor het eerst in tien jaar in de halve finales van de Champions League van het hockey. ‘Geweldig hè’, klinkt het een beetje beduusd. ‘Echt heel vet. Ook op dit toernooi wordt er daardoor weer naar Amsterdam gekeken. Doen we weer mee. En laten we de buitenwereld zien hoe leuk het is bij ons.’

EHLAmsterdam
0
0
0
0
0
0
0
0
0
1

Wat vind jij? Praat mee...

Official partners Koninklijke Nederlandse Hockey Bond
Adidas
Deloitte
DHL
HelloFresh
ONVZ
Rabobank
Staatsloterij