Zeven keer mocht India zaterdag aanleggen voor een strafcorner. Slechts één keer ging de bal erin. Oranje won zaterdag met 3-1 van India, mede dankzij een strafcornerverdediging die zich voor het Indiase kanon Harmanpreet Singh wierp. Met gevaar voor eigen ledematen.
Hoe de strafcornerverdediging tegen India als een huis stond
:quality(85):format(webp)/media/561170c9-f406-438f-8ec7-ab9d50f570f3/strafcornerverdeiging-wv.jpg)
Foto: Willem Vernes
Over de vraag wie de grootste complimenten verdienen, hoeft Derk Meijer zaterdagavond niet lang na te denken. ‘Lars Balk en Joep de Mol’, zegt de eerste keeper van Oranje, kort na de belangrijke zege op India. ‘Zij hebben er ontzettend veel uitgelopen. Ze hebben deze wedstrijd mede over de streep getrokken. Ze waren ongelooflijk. Echt geweldig.’
Harmanpreet Singh een strafcorner cadeau doen, is doorgaans spelen met vuur. De Indiase aanvoerder heeft een bijna mythische reputatie opgebouwd, met duizelingwekkende cijfers: 296 doelpunten in 267 interlands. Hij is een van die zeldzame hockeyers met de wonderlijke statistiek van meer goals achter zijn naam dan interlands. ‘Harmanpreet heeft een wereldcorner’, zegt aanvoerder Thierry Brinkman, die als lijnstop de laatste Nederlandse hindernis voor het Indiase kanon was.
Uitloper Lars Balk, die zaterdag de eerste sleeppush van Harmanpreet er direct uitliep, weet hoe verraderlijk veelzijdig de Indiër vanaf de kop van de cirkel is. ‘Hij kan de bal snel loslaten, of juist langer meenemen. Hij kan ook een stap verder naar voren zetten en echt om je heen proberen te pushen, langs je linkervoet. Dat maakt hem zo onvoorspelbaar. Hij krijgt bovendien ongelooflijk veel snelheid achter de bal.’
:quality(85):format(webp)/media/71c68243-824e-412d-a8a0-1191dce2db17/larsbalk-wv.jpg)
Lars Balk is een van de uitlopers die zich bij strafcorners in de vuurlinie werpen. Foto: Willem Vernes
Een kanonskogel op je onderbeen
Zeven strafcorners kreeg Oranje zaterdag tegen. Doorgaans is dat vragen om problemen. Zeker tegen India, dat normaal gesproken tot de dodelijkste landen vanaf de kop van de cirkel behoort.
Vijf van de zeven keer stond Harmanpreet op de kop van de cirkel, klaar om zijn kanon af te vuren. Ga er als uitloper maar aan staan, wetende dat de bal met verwoestende snelheid jouw kant op kan komen. Balk deed het. Twee keer ving zijn onderbeen de kanonskogel op.
‘Ik hoor vaak dat je snel moet zijn om een goede loper te worden. Dat is echt onzin’, zegt Balk. ‘Het is veel meer een mindset dan pure snelheid. Voor mij is het uiteindelijk heel simpel: ik moet geraakt willen worden.’
Met een brede grijns wijst hij naar zijn onderbeen. In de wonderlijke logica van een uitloper is geraakt worden juist goed nieuws. ‘Ik ben vandaag een paar keer goed geraakt. Daar ben ik altijd blij mee, want dat is een goed teken. Dan loop je dus goed. Het klinkt misschien raar, maar zo is het wel.’
:quality(85):format(webp)/media/2043c6e3-2d3e-4798-b907-ed90fb996106/wv2026_wv2r4004.jpg)
Harmanpreet Singh, het gevreesde kanon van India, met Duco Telgenkamp. Foto: Willem Vernes
Schitterende redding Meijer
Twee keer had Oranje het geluk dat Harmanpreet langs de kant stond toen India een strafcorner kreeg. Maar daarmee was het Indiase kruit nog niet verschoten. Op de kop van de cirkel meldde zich Sanjay, die eveneens over een harde sleeppush beschikt. Zijn inzet leek onderweg naar de bovenhoek aan de stickkant van Derk Meijer, totdat de keeper van Oranje met een schitterende reflex redding bracht. Zo bleek Oranje ook wanneer de uitlopers waren gepasseerd nog een laatste vangnet te hebben.
‘Het ziet er misschien spectaculair uit, maar het is niet de moeilijkste bal die er is’, relativeert Meijer. ‘Uiteindelijk komt die bal in mijn hoek en moet ik hem ook hebben. Ik ben er vooral blij mee omdat het op een belangrijk moment gebeurde.’
Met iedere gestopte strafcorner groeide bij Oranje het geloof dat de Indiase corner te beteugelen was. Dat vertrouwen kwam bovendien niet uit de lucht vallen. Tot zaterdag had Oranje dit WK pas één tegendoelpunt uit een strafcorner geïncasseerd, tegen Argentinië. ‘Elke corner die we eruit halen, geeft vertrouwen’, zegt Balk. ‘Volgens mij stralen we daarin ook iets uit. Het voelt op dit moment gewoon hartstikke goed.’
Helemaal ongeschonden kwam Oranje uiteindelijk niet uit de strijd. Bij een 2-0 voorsprong vond Harmanpreet dan toch dat ene gaatje, met een lage sleeppush in de hoek aan de stickkant van Meijer. Een schutter van zijn kaliber laat zich nu eenmaal zelden een hele wedstrijd het zwijgen opleggen.
Het deed weinig af aan de Nederlandse prestatie. ‘Er kan er altijd eentje ingaan of langs ons heen glippen. Dat hoort erbij’, zegt Balk. ‘Maar we hebben op dit moment een prima percentage en doen het met elkaar gewoon heel goed.’
:quality(85):format(webp)/media/bc28029c-ee53-4d6b-853d-fd615a0d25d2/derkmeijer-wv.jpg)
Bij een 2-0 voorsprong ranselde Derk Meijer een Indiase strafcorner uit de hoek. Foto: Willem Vernes
De volgende vuurproef wacht alweer
Zes van de zeven Indiase strafcorners onschadelijk maken is inderdaad een percentage waar Oranje mee kan thuiskomen. Maar lang nagenieten zit er voor Balk en zijn medeverdedigers niet in. Maandag wacht alweer het volgende examen, tegen Engeland met sleepspecialist Sam Ward.
Balk: ‘Maandag krijgen we weer de Engelse kanonnen. Ze hebben goede pushers, maar ook een gevaarlijke geslagen bal. Bovendien kunnen ze doen alsof ze gaan pushen en vervolgens toch slaan. Op al die varianten bereiden we ons voor.’
Balk werpt nog maar eens een blik op zijn onderbeen. Hij weet wat hem maandag te doen staat: zorgen dat hij opnieuw in de weg loopt.