Acht maanden geleden stond Famke van Heel nog op het WK Onder 21 in Chili. Vanavond kan de 18-jarige aanvaller met België de finale van het grote WK bereiken. Daarvoor moeten de Red Panthers langs Nederland, het land van haar vader. Van gemengde gevoelens is bij Van Heel geen sprake. ‘Ik voel me meer Belg dan een halve Nederlander.’
Famke van Heel treft land van haar vader: ‘Ik voel me meer Belg’
:quality(85):format(webp)/media/952a511e-ddcf-4706-baaf-5a07eb422922/wp7_6732-20260816.jpg)
Worldsportpics/Will Palmer
Een dag voor de halve finale in het Wagener Stadion klinkt Van Heel aan de telefoon ontspannen. Het past bij de manier waarop ze hockeyt. Niet te veel nadenken, gewoon doen. ‘Ik ben een speelster die alles geeft en niet te veel nadenkt’, zegt ze. ‘Ik kan creatief zijn op de momenten dat het kan. Als ik het voel, doe ik mijn spin move.’
Die beweging is inmiddels haar handelsmerk. Met de bal aan haar stick draait Van Heel volledig om haar as, om vervolgens met bal en al door te gaan. Ze baarde ermee opzien op het WK Onder 21 in Chili. Na de wedstrijd tegen Argentinië ging haar ‘double spin’ rond op sociale media.
Internationale achtergrond
Dat ze daar nu staat, op de drempel van een WK-finale, had Van Heel een jaar geleden zelf niet kunnen bedenken. ‘Als je mij dat had gezegd, had ik je niet geloofd.’ Twee maanden na de derde plaats op het WK Onder 21 in Chili maakte ze haar debuut voor de Red Panthers en knokte ze zich in de WK-selectie. Inmiddels staat de teller op veertien interlands en twee doelpunten. ‘Tijdens de Pro League heb ik alles gegeven. Ik had niets te verliezen.’
Haar internationale achtergrond klinkt ook door in haar Nederlands. Van Heel werd geboren in Londen, heeft een Ierse moeder en een Nederlandse vader en groeide op in Sint-Genesius-Rode, onder de rook van Brussel. Ze spreekt Engels, Nederlands en Frans en gooit die talen soms door elkaar. Zo noemt ze de halve finale tegen Nederland een challenge.
:format(webp)/media/d8bd7fe2-bb26-45fe-b9fd-578bf375f854/wp7_0628-20260824.jpg)
Famke van Heel in duel met Eugenia Trinchinetti van Argentinië. Foto: Worldsportpics/Will Palmer
Meer Belg dan Nederlander
Hoewel haar vader Nederlands is, zorgt de ontmoeting met Oranje niet voor een innerlijke tweestrijd. ‘Hij heeft zo kort in Nederland gewoond dat hij zich niet echt Nederlander voelt.’ En zijzelf? ‘Nee, ik voel mij ook meer Belg dan een halve Nederlander.’
Haar ouders stonden allebei op het veld en zelf begon ze op haar derde bij de hockeyclub van Linkebeek. Op haar negende stapte ze over naar Wellington in Ukkel. Inmiddels speelt ze voor Waterloo Ducks.
‘Ik heb veel sporten gedaan. Vanaf mijn dertiende heb ik gezegd: ik wil hockeyen.’ Haar oudere broer Marin speelt eveneens op hoog niveau. Met hem droomt Van Heel ervan om in 2028 op de Olympische Spelen in Los Angeles te staan. Maar dat is voor later. Eerst Nederland.
:format(webp)/media/b6c4565f-f441-42c5-abb3-1213155ba655/wp7_6714-20260816.jpg)
Famke van Heel aan de bal tegen Nieuw-Zeeland. Foto: Worldsportpics/Will Palmer
Andere ambiance
Daar wacht Van Heel een andere ambiance dan België tot dusver tijdens dit WK gewend was. In Waver werden de Red Panthers vooruitgeschreeuwd door hun eigen publiek. In Amstelveen staan de meeste toeschouwers achter Nederland.
‘Het is jammer dat we niet in Waver spelen. We hebben niet de steun van het publiek zoals we die daar hebben gehad. Daarom moeten we de energie uit onze teamgenoten halen. Het wordt intensief. Maar als we ons spel spelen, moet het kunnen. We moeten het aanpakken zoals we dat tegen Argentinië hebben gedaan.’
Ook tegen Nederland wil ze vooral haar eigen spel spelen. Niet te veel nadenken, ruimte zoeken voor een actie en toeslaan als het moment zich aandient. Misschien haalt ze haar spin move tevoorschijn. Misschien niet.
Nu is Van Heel één zege verwijderd van de WK-finale. Tegen Nederland, het land van haar vader. Maar als ze vanavond het veld opstapt, telt voor haar maar één land: België.