Jaap Stockmann: 'Ben overtuigd van mijn eigen kwaliteiten'

Home > Oranje > Nieuws

Door Ties Aben

NEW DELHI - Jaap Stockmann is bezig aan zijn laatste wedstrijden als reservekeeper van het Nederlands elftal. Als er niets geks gebeurt, is de 25-jarige goalie na het WK eerste keus. ‘En daar heb ik zin in', zegt Stockmann.

De lange doelman van landskampioen Bloemendaal mocht een paar maanden geleden tijdens de Champions Trophy (zie foto) al ruiken aan het echte werk. Omdat Guus Vogels thuis bleef, stond Stockmann in Melbourne onder de lat.

Stockmann: ‘Dat was een heel goede ervaring. Wedstrijden op internationaal niveau zijn toch anders dan een competitiewedstrijd in Nederland. Het is goed dat ik deze ervaring heb opgedaan.' Maar hoewel Stockmann in Australië goed presteerde, kreeg hij kort na het toernooi te horen dat hij op het WK weer in de schaduw van Vogels kwam te staan.

‘Dat vond ik op dat moment wel jammer. Ik doe er alles voor en ben overtuigd van mijn eigen kwaliteiten. Maar na een paar dagen balen heb ik de draad weer opgepakt. Als ik in deze rol belangrijk kan zijn voor de ploeg, dan doe ik dat. Of Guus een betere doelman is? Hij is een andere keeper met andere kwaliteiten. Het is maar net waar de bondscoach voor kiest.'

‘Het speelt natuurlijk ook mee dat Guus ontzettend veel ervaring heeft. Dat heb je als keeper gewoon nodig. Guus stopt na dit WK. Ik wil dan eerste keeper worden. Hopelijk komt er dan een tijdperk Jaap Stockmann. Maar zo ver wil ik nog niet vooruit kijken. Je bent zo goed als je laatste wedstrijd. Ik moet eerst maar eens zorgen dat ik straks nummer één word.'

Stockmann hoopt niet dat Vogels in de slotfase van het wereldkampioenschap geblesseerd raakt, waardoor hij alsnog in actie komt. ‘Vanaf de tribune beleef ik dit WK natuurlijk anders. Maar ik ben wel onderdeel van het team en als we straks een medaille winnen, is dat ook mijn medaille. Guus en ik kunnen heel goed met elkaar overweg. Ik zou echt niet willen dat ik ten koste van een blessure van hem zou komen te spelen. Mijn tijd komt nog wel.'

Foto: Frank Uijlenbroek